Definities en systemen
Een lage-energiewoning verbruikt jaarlijks gemiddeld minder dan
50kWh per vierkante meter vloeroppervlakte en is hiermee heel wat
zuiniger dan de traditionele bouw. De woning is compact gebouwd en
de buitenschil van het huis is bovengemiddeld geïsoleerd.
Een volgende stap is een nul-energiewoning. Een nul-energie
woning is een huis dat met een normaal leefpatroon en normaal
comfort over een heel jaar gezien evenveel energie gebruikt als dat
het zelf opwekt. Voor het realiseren van een gebouw dat een totale
CO2-voetafdruk van 'nul' te bereikt wordt gekeken naar
de gehele cyclus van de bouw, het gebruik en de sloop.
Naarmate het energieverbruik van een gebouw tijdens de
gebruiksperiode daalt, wordt de relatieve voetafdruk van de
toegepaste bouwmaterialen groter. Door een geïntegreerde
ontwerpaanpak kan beton- ondanks zijn CO2-voetafdruk-
via betonkernactivering met een warmtepomp toch significant
bijdragen aan energiebesparing in de gebruiksfase. In combinatie
met bijvoorbeeld zonnecellen, optimale isolatie en ventilatie wordt
dan een energieneutraal bouwconcept (EPC = 0) mogelijk.
Een andere variant zijn passieve bouwwerken, deze benaderen de
eigenschappen van energieneutrale bouwwerken. Passiefbouw
combineert een laag energieverbruik met een aangenaam
binnenklimaat. Het concept is ontwikkeld in de jaren tachtig van de
vorige eeuw (Passivhaus).
Passiefwoningen gaan uit van :
- isolatiewaarden van < 0,15 W/m².K voor wanden en dak, en een
goede kierdichting;
- minder dan 50 kWh per m² per jaar voor verwarmen, koelen, warm
tapwater en ventileren, door zoveel mogelijk gebruik te maken van
natuurlijke (groene) energiebronnen zoals zon, wind,
warmte/koude-opslag in de ondiepe ondergrond en aardwarmte (vaak op
ca. 250 m diepte). Warmteopslag kan ook in huis, bijvoorbeeld. in
een goed geïsoleerd vat voorzien van heet water.
Aardwarmte kan tot 70% CO2 besparen ten opzichte van
traditionele verwarmingssystemen in woningen. Er wordt geschat dat
een passiefhuis per saldo minimaal 50-60% minder CO2
uitstoot dan de huidige standaard nieuwbouwwoning. Er zijn
inmiddels ca. 8.000 passiefbouwwerken gerealiseerd in o.a.
Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en de Scandinavische landen. In
de Benelux zijn er nu enkele tientallen gebouwd.
Eisen
Overheden stellen eisen aan het energieverbruik van nieuwbouw.
Het streven van diverse West-Europese overheden is om vanaf 2020
alle nieuwbouw als energieneutraal te realiseren.
Een maat voor het energieverbruik van een woning is de EPC, de
Energie Prestatie Coëfficiënt conform NEN 5128. De maximaal
toegestane EPC-waarde van een nieuwbouwwoning daalt de komende
jaren van 0,8 (2006), 0,6 (2011) naar 0,4 in 2015 en 0,0 in 2020.
Voor utilitaire gebouwen is de EPC-eis bij nieuwbouw minder streng,
maar ook deze moet geleidelijk dalen. In Nederland willen sommige
woningcorporaties al vanaf 2016 uitsluitend energieneutraal bouwen.
Energieneutrale bouwwerken vragen om integratie in ontwerp en
uitvoering. In de bestaande gebouwen zou in Nederland vanaf 2030
minimaal 30% energie moeten bespaard worden en zouden deze vanaf
2040 energieneutraal moeten zijn.
De EPC is in het Bouwbesluit (conform de Nederlandse Woningwet)
de maatstaf voor energiezuinigheid van een nieuw te bouwen gebouw.
Voor nieuwbouw is een EPC berekening vereist voor de bouwaanvraag.
NEN 5128 'Energieprestatie van woonfuncties en woongebouwen -
Bepalingsmethode' geeft een bepalingsmethode voor de EPC. Het
betreft een integrale beoordeling van energiezuinigheid van een
woning of utilitair gebouw en de daarbij behorende installaties
voor ruimteverwarming, ventilatie en warm tapwater.
Overzicht van maatregelen
Energie
- energie-efficiënte installaties voor koelen en verwarmen
(betonkernactivering met warmtepomp is voor alle bouwsystemen een
energiebesparend concept);
- zonoriëntatie van het gebouw, in verband met energieverbruik,
gezondheid, landschapsinpassing;
- groene energiebronnen zoals zonnecellen, windenergie, gebruik
van biomassa en warmtekrachtkoppeling voor lokale
elektriciteitsopwekking;
- uitstekende warmte-isolerende wanden, daken en
glasvlakken;
- intelligente systemen voor verlichting(besparing), ventilatie
en daglichttoetreding;
- gebalanceerde ventilatiesystemen met warmteterugwinning.
Gesloten kringlopen
- gebruik van regenwater zoals 'grijs water' voor onder andere
toiletspoeling;
- 100% gerecyclede bouwmaterialen die voldoen aan strikte
gezondheidscriteria (generieke criteria zijn bijv. opgesteld in het
kader van cradle to cradle);
- CO2-compenserende maatregelen bij bijvoorbeeld inzet
van cement en beton;
- groene daksystemen van gras/mos die fijn stof invangen,
zuurstof produceren en temperatuurregulerend zijn voor het
binnenklimaat.
Andere maatregelen
- flexibel indeelbaar bouwconcept ('levensbestendig') dat
geschikt is voor volgende generaties (lees : duurzaam);
- kleuroriëntatie van gebouw en interieur met het oog op
belevingswaarde, comfort etc.;
- organische vormgeving van gevels, daken etc.;
- meervoudig ruimtegebruik via tussen/ondergronds bouwen
(parkeren, opslag);
- voorzieningen voor openbaar vervoer en fietsen.